Onder mijn post over de nieuwe wereld-ETF van Vanguard vroeg een lezer of zijn accountant die ETF op kostprijs mag waarderen. Hij belegt via zijn BV en wil niet ieder jaar afrekenen over koerswinst die hij nog niet heeft gehad.
Het hangt er vanaf of het fonds ergens onderworpen is aan winstbelasting. En of het fonds wettelijk verplicht is om uit te keren om zijn vrijstelling van het betalen van winstbelasting te houden. Is het antwoord op allebei nee, dan moet je elk jaar op marktwaarde waarderen. Het feit of een ETF accumulerend of distribuerend is heeft hier geen invloed op.
Ierse en Luxemburgse ETF’s als VWCE/VWRL, VALL/VALLD of WEBN/WEBG moet je daardoor op marktwaarde waarderen. Northern Trust indexfondsen met FBI-status mogen volgens mij wel op kostprijs gewaardeerd worden.
Let op: met beleggen kun je jouw inleg verliezen en dit is geen fiscaal advies maar slechts mijn kijk op de zaak.
Waarom maakt het uit hoe je een ETF in je BV waardeert?
Waardeer je op kostprijs, dan betaalt je BV pas vennootschapsbelasting over koerswinst op het moment dat je verkoopt. Waardeer je op marktwaarde, dan reken je elk jaar af over de koersstijging van dat jaar, ook als je niets verkocht hebt. Dat kan op de lange termijn enorm veel invloed hebben op je eindresultaat.
Stel je belegt € 100.000 en laat dit dertig jaar staan bij 9% rendement per jaar (ongeveer conform historisch rendement MSCI ACWI). Die 9% splits ik op in 2% dividend en 7% koersgroei. Eén keer in een fonds dat op kostprijs mag, één keer in een fonds dat elk jaar op marktwaarde moet.
| Kostprijs | Marktwaarde | |
|---|---|---|
| Waarde na 30 jaar | € 1.194.800 | € 825.600 |
| Vpb onderweg betaald | € 48.300 | € 170.200 |
| Vpb bij verkoop | € 215.800 | € 0 |
| Netto in de BV | € 979.000 | € 825.600 |
Ondanks de hogere netto opbrengst bij de kostprijsvariant betaal je via die route in totaal € 264.100 belasting en in de marktwaardevariant € 170.200.
Verkoop je aan het eind niet alles in één jaar maar spreid je het over tien jaar, dan blijf je in de eerste Vpb-schijf en zakt die eindafrekening naar € 168.900. Dan houd je € 1.025.900 over en loopt het verschil op naar € 200.300.
Uitgangspunten bij deze voorbeeldberekening: 19% vennootschapsbelasting tot € 200.000 winst en 25,8% daarboven (tarieven 2026). Ik ga ervan uit dat je BV geen andere winst heeft. De jaarlijkse belasting in de marktwaardevariant betaal je in mijn berekening uit de portefeuille zelf. Box 2 laat ik buiten beschouwing, want die komt in beide gevallen pas als je het geld privé opneemt.
Ook aantrekkelijk bij kostprijswaardering: bij onverhoopte koersdaling tot onder je aankoopkoers mag je de lagere marktprijs hanteren en heb je meteen een verlies te verrekenen.
De wet kijkt niet naar accumulerend of distribuerend
De regel staat in artikel 3.29a van de Wet inkomstenbelasting 2001, dat via de vennootschapsbelasting ook voor je BV geldt. Je moet op marktwaarde waarderen als het fonds niet is onderworpen aan een winstbelasting én niet wettelijk verplicht is om zijn winst jaarlijks aan de deelnemers uit te keren om voor die vrijstelling in aanmerking te komen.
Die twee voorwaarden gelden samen. Kun je er één weerleggen, dan valt het fonds buiten de regel en mag je gewoon op kostprijs of lagere marktwaarde waarderen.
Wat er in de factsheet of essentiële beleggingsinformatie van het fonds staat is niet relevant. Of het fonds in de praktijk dividend uitkeert net zomin. De wet vraagt of uitkeren een wettelijke voorwaarde is voor de vrijstelling, en dat is iets anders dan wat een fonds feitelijk doet.
Welke fondsen mag je in de BV op kostprijs waarderen?
Nederlandse fondsen met de FBI-status en Amerikaanse ETF’s mag je op kostprijs of lagere marktwaarde waarderen. Ierse en Luxemburgse ETF’s en Nederlandse VBI’s moeten elk jaar op marktwaarde.
| Type fonds | Waardering | Waarom |
|---|---|---|
| Nederlandse FBI, zoals de Northern Trust fondsen | Kostprijs of lagere marktwaarde, tenzij het fonds zelf voor 10% of meer in een VBI-achtig fonds belegt | Twee redenen: 0% is een tarief en dus onderworpen, plus de wettelijke plicht om binnen acht maanden uit te keren |
| Amerikaanse ETF’s, zoals VTI en VXUS | Kostprijs of lagere marktwaarde | Onderworpen aan Amerikaanse winstbelasting |
| Ierse en Luxemburgse ETF’s, zowel accumulerend als distribuerend | Marktwaarde, elk jaar | Vrijgesteld van winstbelasting en geen wettelijke uitkeringsplicht |
| Nederlandse VBI | Marktwaarde, elk jaar | Staat met zoveel woorden in de wet |
Northern Trust fondsen kun je via een zakelijke rekening bij de Nederlandse grootbanken of met een Saxo zakelijke rekening aanschaffen.
Amerikaanse ETF’s kun je door de Europese PRIIPs-regels niet direct aanschaffen. Dat kan alleen met professionele status. Of via opties, maar wat dat voor consequenties heeft voor de fiscale afhandeling zou ik niet weten.
Ook VALLD, WEBG of VWRL moeten elk jaar op marktwaarde
Een distribuerende Ierse ETF keert dividend uit, maar is daartoe niet wettelijk verplicht om zijn vrijstelling te houden. Daardoor vallen ook de populaire ETF’s zoals VALLD, WEBG en VWRL onder de marktwaarderegel, net als hun accumulerende zusjes VALL, WEBN en VWCE.
In de memorie van antwoord bij wetsvoorstel 30533, onder punt 4.11, staat dat de waarderingsregel gewoon van toepassing is wanneer een buitenlandse beleggingsinstelling zonder wettelijke verplichting toch een deel van haar winst uitkeert. Ook een fonds dat zichzelf in de voorwaarden tot uitkeren verplicht valt er dus onder, want contractueel is niet wettelijk.
Let op als het fonds zelf ook weer in fondsen belegt
Er geldt nog een aparte regel voor een fonds dat zelf weer in andere fondsen belegt. Zit daar een VBI in, of een buitenlands fonds dat met een VBI vergelijkbaar is, dan moet je jouw hele belang in het fonds waar je in zit op marktwaarde zetten.
De wet spreekt van bezittingen die ‘in enigszins belangrijke mate’ uit zo’n belang bestaan. Wat dat betekent staat in de nota naar aanleiding van het verslag bij wetsvoorstel 30533. Met het begrip in enigszins belangrijke mate wordt 10% bedoeld met een marge tussen 10% en 15% voor plotselinge koersfluctuaties.
Belangrijk detail: het gaat om een middellijk of onmiddellijk belang. Je kijkt dus door de hele keten heen en niet alleen naar de laag er direct onder.
Een fonds met FBI-status is dus geen garantie dat je op kostprijs mag waarderen. Zit er bijvoorbeeld verderop in de keten voor meer dan 10% een Iers of Luxemburgs fonds in, dan gaat je belang alsnog jaarlijks op marktwaarde.
Northern Trust fondsen hebben zelf de FBI-status. Het Northern Trust World Screened Equity Index FGR Feeder Fund (ISIN: NL0013654742) belegt vrijwel volledig door in een Iers fonds. Dat Ierse fonds is fiscaal transparant, en dan kijk je er dwars doorheen naar de onderliggende aandelen. Er is dan geen fonds meer om met een VBI te vergelijken, en daardoor lijkt het mij aannemelijk dat je op kostprijs mag waarderen. Het Northern Trust Emerging Markets Screened Equity Index FGR Fund (ISIN: NL0014040289) en Northern Trust World Small Cap Low Carbon Equity Index FGR Feeder Fund (ISIN: NL0013552078) beleggen rechtsreeks in de onderliggende aandelen, dus daar speelt dit sowieso niet.
Meesman belegt onderliggend in Northern Trust fondsen en benoemt in paragraaf 10.1 van hun Inlegvel Prospectus Meesman Beleggingsfondsen d.d. 15/07/2026 dat “Vennootschapsbelastingplichtige Participanten kunnen de Participaties in beginsel tegen historische kostprijs (of lagere actuele waarde) waarderen”. Ze benoemen ook expliciet twee eigen fondsen waarbij een vennootschapsbelastingplichtige participant op actuele waarde moet waarderen. Het Aandelen Wereldwijd Totaalfonds, dat in de Northern Trust World, Emerging Markets en Small Caps indexfondsen belegt, staat daar niet bij. Dat wijst er volgens mij op dat ze dezelfde conclusie als ik trekken.
Waar die FBI-status precies voor staat en wat hij verder oplevert leg ik uit op de pagina over dividendlekkage.
Wat gebeurt er als je onterecht op kostprijs waardeert?
Ik heb over deze regel geen rechtspraak gevonden en ik kan ook geen enkel geval vinden waarin de Belastingdienst er actief op gecontroleerd heeft. Corrigeert de inspecteur alsnog, dan herwaardeert hij in het oudste jaar dat nog openstaat, met belastingrente erbovenop en met een boete die niet uit te sluiten is. Maar wie een standpunt inneemt dat verdedigbaar is op basis van wettekst en wetsgeschiedenis heeft een pleitbaar standpunt, en dan is er geen grond voor een vergrijpboete. Belastingrente blijft dan wel staan.
Ik ben geen fiscalist of jurist. Dit is hoe ik de wettekst en de wetsgeschiedenis lees. Overleg vooral met je eigen accountant over je eigen aanpak. En ik dank Gerben en Dreas voor hun hulp bij deze blogpost.
Beleg jij via je BV? Zo ja, welke fondsen hou je aan en hoe waardeer jij jouw fondsen?

Geef een reactie